Brom, gefluit en hiss op je pedalboard opsporen en oplossen
Hoe je brom, gefluit, hiss en gekraak op je pedalboard herkent en oplost, van ground loops en daisy chains tot gain staging en vuile jacks.

Je zet je amp aan, trapt je delay in en daar is het: een laag gezoem dat onder alles blijft hangen, ook als je je snaren dempt. Of een dun, hoog gepiep, alsof er een mug in je speaker woont. De eerste neiging is om alle kabels los te trekken en op de gok te gaan wisselen. Dat kost je een zaterdagmiddag en levert meestal weinig op.
Begin met luisteren. Elke soort ruis heeft een eigen oorzaak. Weet je welke soort je hoort, dan sla je de helft van het zoekwerk over.
Vier soorten ruis
Ongewenste herrie op een pedalboard valt bijna altijd in een van deze vier groepen:
- Brom: een laag, constant “mmmm” op 50 Hz (in Noord-Amerika 60 Hz), de frequentie van het stroomnet.
- Gefluit: dun en hoog, en de toonhoogte verandert als je tegen een pedaal tikt of aan een knop draait.
- Hiss: een constant “shhh” dat harder wordt naarmate je meer gain gebruikt.
- Kraak en pop: komt en gaat, vaak als je een kabel beweegt of een voetschakelaar intrapt.
Brom is bijna altijd een ground loop. Die ontstaat als twee of meer apparaten via verschillende routes geaard zijn. Het kleine verschil in aardpotentiaal laat stroom door de afscherming van je kabels lopen, en die stroom hoor je als brom. Gefluit komt meestal van een digitaal pedaal dat zijn kloksignaal in de voeding laat lekken. Hiss is een kwestie van gain staging, en gekraak is bijna altijd een fysieke verbinding die niet deugt.

Brom wegwerken
-
Luister en benoem wat je hoort. Draai je gitaarvolume dicht en luister bij de amp. Blijft er een egaal, laag gezoem dat niet reageert op je knoppen, dan zit je hier goed. Hoor je iets hoogs of iets dat komt en gaat, ga dan door naar de stukken over gefluit of gekraak verderop.
-
Steek amp en voeding in hetzelfde stopcontact. Zit je versterker op het ene stopcontact en je pedalboardvoeding op een ander, mogelijk op een andere groep, dan heb je twee aarderoutes. Zet beide in dezelfde stekkerdoos. Het kost niks, duurt tien seconden en lost een flink deel van de ground loops meteen op.
-
Kijk hoe je pedalen gevoed worden. Bij een daisy chain hangen alle pedalen aan één transformator en delen ze dezelfde aarde. Elk pedaal in die ketting is een mogelijke route voor een ground loop. Analoge overdrives vinden dat meestal prima, digitale delays en reverbs veel minder. Een geïsoleerde voeding, zoals de Harley Benton PowerPlant ISO-2 Pro, een Strymon Zuma of een Voodoo Lab Pedal Power, geeft elke uitgang een eigen aarde. Daarmee verdwijnen ground loops tussen pedalen onderling.
-
Geef het digitale pedaal een eigen geïsoleerde uitgang. Hier gaat het het vaakst mis. Iemand heeft een voeding met acht geïsoleerde uitgangen en negen pedalen, en hangt drie kleintjes met een daisy chain-kabel aan één uitgang. Voor die pedalen is de isolatie dan weg. Typisch symptoom: brom zodra de delay of reverb aan gaat, die erger wordt als het pedaal harder aan het werk is. Zet minimaal je delay, reverb of andere DSP-pedaal op een eigen uitgang. Een stemapparaat of clean boost kan prima op de daisy chain.
-
Probeer de ground lift. Sommige pedalen, vooral met stereo-aansluitingen of digitale verbindingen, hebben een ground lift-schakelaar. Zet hem om. Is de brom weg, dan heb je de loop gevonden. Heeft het pedaal geen ground lift, dan kan een audio-isolatietransformator zoals de Ebtech Hum Eliminator de loop doorbreken zonder dat je aan de veiligheidsaarde komt.
Over die veiligheidsaarde: gebruik nooit een verloopstekker die de aardepen van je versterker omzeilt. Gaat er dan iets mis in de amp, dan kan het chassis onder netspanning komen te staan. Er zijn muzikanten op een podium door geëlektrocuteerd.
-
Controleer het stroomverbruik per uitgang. Elk pedaal vermeldt zijn verbruik op de onderkant of in de handleiding, elke uitgang van je voeding heeft een maximum. Een Strymon Timeline of BigSky trekt rond de 300 mA, dus die moet op een 9V-uitgang van minstens 300 mA, en 500 mA geeft je wat marge. Krijgt een pedaal te weinig stroom, dan kan het wegvallen, vervormen of niet aangaan. Controleer de exacte waarde altijd in de handleiding van je eigen pedaal.
-
Test elk pedaal apart. Haal alle patchkabels los, zet de pedalen één voor één aan en luister bij de versterker. Elk pedaal heeft wat eigen ruis, dat is normaal. Het pedaal dat duidelijk harder bromt dan de rest is je verdachte.
-
Breek een loop tussen twee pedalen. Bromt het alleen als twee specifieke pedalen tegelijk aan staan, en is het weg zodra er één uit gaat? Dan kan een humbuster-kabel van Voodoo Lab helpen, of een omgekeerde polariteit op de voedingskabel van een van de twee. Doe dat laatste alleen als je voeding die optie echt heeft.
-
Verwijder pedalen uit de keten. Blijft de brom na al het voorgaande, dan is een defect pedaal of een ingewikkeldere ground loop waarschijnlijk. Haal pedalen één voor één fysiek uit de signaalketen, in bypass zetten is niet genoeg, en luister telkens naar de ruisvloer. Het pedaal waarvan het verwijderen de ruis laat verdwijnen, is de boosdoener.
Gefluit van digitale pedalen
-
Isoleer het digitale pedaal en check de stroom. Gefluit en brom delen deels dezelfde oplossing: het digitale pedaal op een eigen geïsoleerde uitgang. Kijk daarnaast of die uitgang genoeg levert. Een pedaal dat stroom tekortkomt, kan zijn spanningsregelaars laten oscilleren, en dat hoor je als een hoge whine.
-
Klik een ferrietkern om de voedingskabel. Zo’n klemmetje op de voedingskabel van het pedaal dempt hoogfrequente ruis. Reken op minder gefluit; helemaal weg krijg je het er meestal niet mee.
Hiss en gain staging
-
Zet elk pedaal op unity gain. Zet alle pedalen uit, speel via een clean amp en onthoud het volume. Zet daarna elk pedaal één voor één aan en draai het niveau zo dat het volume gelijk blijft. De uitzondering is een pedaal dat je bewust als boost gebruikt. Zo voorkom je dat een pedaal halverwege de keten ruis opblaast die de rest weer versterkt.
-
Minder gain, meer volume. De meeste gitaristen gebruiken meer gain dan ze nodig hebben. Draai hem terug en het volume omhoog: je houdt grotendeels dezelfde vervorming, met hoorbaar minder ruis.
-
Zet een noise gate op de goede plek. Een ISP Decimator II of Boss NS-2 hoort na je laatste drivepedaal en vóór modulatie, delay en reverb. Stel de drempel zo in dat de ruis wegvalt in stiltes, zonder dat de uitklinkende noten worden afgekapt. Staat de gate achter je delay, dan hakt hij je echo’s af.
Kraak en pop
-
Doe de wiebeltest. Zet alles aan op een redelijk volume en beweeg elke kabel bij elk aansluitpunt, van de jack in je gitaar tot de voedingskabels op het board. Kraakt het, dan weet je precies welke kabel of jack het is.
-
Vervang goedkope patchkabels. Die zijn de grootste bron van wisselende ruis op pedalboards. Soldeerverbindingen laten los, stekkers corroderen en de afscherming breekt. Een setje degelijke patchkabels is een kleine uitgave vergeleken met wat je eraan wint.
-
Reinig de jacks. Een spuitbus DeoxIT D5 en een pijpenraampje lossen de meeste krakende verbindingen op. Spuit een beetje op het pijpenraampje, niet rechtstreeks in de jack, steek het erin en draai een paar keer rond.
Wanneer een grotere voeding zin heeft
Een nieuwe, grotere voeding lost maar één van de bovenstaande problemen op: te weinig stroom. Daisy chains, ground loops tussen digitale en analoge pedalen en een defect pedaal blijven gewoon zitten. Er zijn een paar duidelijke signalen dat je voeding echt te klein is geworden:

- het totale verbruik van je pedalen zit boven 80 procent van wat de voeding levert
- je hebt te weinig geïsoleerde uitgangen voor je digitale pedalen
- de voeding wordt warm bij normaal gebruik
- je hebt sinds de aankoop pedalen toegevoegd
Kies je een andere voeding, kijk dan eerst naar het aantal geïsoleerde uitgangen en pas daarna naar de totale capaciteit. De meeste boards komen ruim uit met de stroom, maar hebben net één of twee geïsoleerde uitgangen te weinig.
Eén ding om vanavond te proberen
Blijft er na het herschikken van je voeding nog wat brom over als je digitale reverb aan staat, wissel dan eens de volgorde: zet de reverb vóór je analoge drive in plaats van erachter. Soms wordt de loop daarmee een stuk zwakker. Het klinkt anders, want je vervormt nu de galm mee, maar als test kost het je één patchkabel en een minuut.


